Als je kind voor het eerst naar school gaat, lijkt de basisschooltijd nog een eeuwigheid. Maar na groep 1 volgt onvermijdelijk groep 2. En ook groep 3, 4, 5, 6 en 7 worden doorgewerkt. Opeens is dan het laatste jaar aangebroken: groep 8. Het jaar waarin de keus voor het voortgezet onderwijs wordt gemaakt. Tijd voor de CITO-toets.
De Eindtoets basisonderwijs is een schoolvorderingentoets voor leerlingen aan het eind van groep 8. De toets biedt informatie over de prestaties van zowel de leerlingen als de school. In 2000 nam 80 procent van de basisscholen, met in totaal zo’n 145.000 leerlingen, deel aan de toets.
De toets is géén examen. Leerlingen kunnen er niet voor slagen of zakken. De toets is bedoeld om het schoolsucces van de leerlingen in het voortgezet onderwijs te voorspellen. Uit onderzoek blijkt dat de Eindtoets daar goed in slaagt.
De Eindtoets basisonderwijs is niet alleen een onafhankelijk en betrouwbaar hulpmiddel bij het kiezen van een school voor voorgezet onderwijs, ze laat ook zien hoe de school er als geheel voor staat.
De entreetoets
Met deze toets kunnen leerkrachten de basisvaardigheden van hun leerlingen aan het einde van groep 7 meten. De toets bestaat uit 16 taken; iedere taak bevat 25 of 30 opgaven verdeeld over de onderwerpen taal en lezen, rekenen-wiskunde en informatieverwerking.
De toets geeft inzicht in het niveau van ieder kind. Daarnaast kunnen de resultaten van verschillende scholen onderling vergeleken worden. Kortom, voordat de kinderen in groep 8 belanden, is bekend aan welke leerstofonderdelen extra aandacht moet worden besteed.
De Citotoets
In groep 8 komt dan "de" toets. Wie kent hem niet, zouden we haast zeggen. De officiële naam is "Eindtoets basisonderwijs", maar meestal wordt hij "Citotoets" genoemd.
De inhoud van de Eindtoets is gebaseerd op belangrijke algemeen aanvaarde doelstellingen voor leerlingen van het hoogste leerjaar van het basisonderwijs. De toets bestaat uit de onderdelen rekenen, taal, informatieverwerking en wereldoriëntatie. Het onderdeel wereldoriëntatie is facultatief. Elk onderdeel bestaat uit een aantal meerkeuzevragen: 100 voor taal, 60 voor rekenen, 40 voor studievaardigheden en 90 voor wereldoriëntatie. Voor die vraagvorm is gekozen, omdat die een snelle en objectieve correctie van het grote aantal antwoordbladen mogelijk maakt. De opgaven in de verschillende onderdelen toetsen inzicht, kennis en de toepassing daarvan.
Ze zijn methodeonafhankelijk, dus niet gekoppeld aan een bepaald leerboek. Het doelenboek, dat bij de Eindtoets hoort, geeft de verantwoording van de inhoud van de toets. Het spreekt voor zich dat de kerndoelen basisonderwijs het uitgangspunt vormen voor dit boek. De opgaven zijn geconstrueerd door groepjes leerkrachten uit het basisonderwijs, onder leiding van medewerkers van de Citogroep. De vragen zijn vooraf uitgeprobeerd door leerlingen en vak- en onderwijsdeskundigen beoordelen de vragen ook nog eens.
De Eindtoets geeft scholen veel informatie. In eerste instantie over de scores van de leerlingen. Deelnemen aan de Eindtoets geeft ook informatie over de prestaties van de school. Dat gebeurt in twee schoolrapporten. In schoolrapport A wordt het gemiddelde van de leerlingenscores vergeleken met het gemiddelde op alle andere scholen. Schoolrapport B geeft een vergelijking van het schoolgemiddelde met dat van scholen die in een overeenkomstige situatie verkeren.
Resultaat beoordelen eindtoets
De resultaten die een leerling op de onderdelen van de Eindtoets heeft behaald, staan afgedrukt in het leerlingrapport. Daaruit is af te lezen hoe de prestaties van een leerling zich verhouden tot die van andere deelnemers.
De zogeheten percentielscores geven aan hoeveel procent van de deelnemers in dezelfde regio eenzelfde of lagere score behaalde. Naast de percentielscore krijgt de leerling een standaardscore: een getal tussen 501 en 550. Met behulp van deze standaardscore is het mogelijk aan te geven of een kind in een bepaald type onderwijs tot de sterke of zwakkere leerlingen zal behoren.
Achter elk type voortgezet onderwijs staan 50 poppetjes, die alle leerlingen voorstellen die naar dat schooltype of die combinatie van schooltypen gaan. Het gemarkeerde poppetje geeft de plaats aan die de betreffende leerling op grond van zijn standaardscore naar verwachting zal innemen tussen de medeleerlingen op de verschillende schooltypen.
De standaardscore van 536 in het hier afgedrukte rapport betekent in de basisberoepsgerichte leerweg dat 2 procent van de leerlingen een hogere score heeft. De betreffende leerling zou daar dus tot de besten behoren. In de havo/vwo-groep scoort 92 procent hoger. In dat schooltype is de leerling een van de zwakkeren.
Eindtoets voor ouders: een kind kan de was doen!
Om ouders te informeren over de inhoud van de Eindtoets Basisonderwijs, heeft het CITO een Eindtoets voor ouders gemaakt. U kunt de eindtoets voor ouders hier downloaden als PDF-bestand (422Kb), waarna u het kunt lezen of uitprinten.
Met dank aan het CITO. Teksten zijn voornamelijk ontleend aan de website van het CITO.