Kinderboekenfabriek
Op bezoek bij de Kinderboekenfabriek
met de leerlingen van het bovenschools project hoogbegaafden.
Rijnie: We zijn op 19 november 2002 naar Wonderland geweest. Wonderland
is in Rotterdam bij de Erasmusbrug.
Reinhard: Alleen wat jammer was is dat Eduard, iemand van onze groep,
niet kon meekomen omdat hij een snee had opgelopen en daardoor naar de
dokter moest.
Calvin: Ze hebben daar ook een kinderboekenfabriek.
Linda: We gingen er met de bus heen.
Tim: Er zaten ook kinderen van de O.B.S. in, ik vond dat niet erg.
Joris: Na een reis vol file kwamen we eindelijk aan in de Kunsthal in
Rotterdam.
Reinier: Eenmaal aangekomen mocht niemand kauwgom hebben, waarom weet
ik niet, maar het moest.
Marnel: We moesten onze jassen in kluizen doen en op een trappetje gaan
zitten.
Emma: Toen gingen we met een mevrouw van Wonderland mee. Zij bracht ons
naar de zaal.
Rijnie: We liepen door een gang met kabouters aan de muren, er was ook
een groot rood gordijn en daarachter….de tentoonstelling.
Joris: Hele grote vierkanten met platen erop stonden er op de grond.
Reinier: We kwamen eerst bij een sprookjespak. Dat was een beetje saai
want ik snapte het niet.
Victor: Helaas zaten de boeken achter glas. We weten niet waarom de boeken
achter glas zaten, dat is ook niet verteld, maar ik denk dat het is om
de boeken niet te laten beschadigen.
Jeffrey: Toen gingen we naar iemand toe die verhalen vertelde.
Marnel: We gingen een soort hok binnen waar een nepvuurtje knetterde en
een paar kisten stonden.
Joris: De verteller vertelde over een koning met ezelsoren. Hij had ook
een raadsel dat was: Het kan rood zijn, geel of groen en er zit een ster
in het midden. Het antwoord was appel.
Rijnie: Daarna gingen we naar een ander ding, de kinderboekenfabriek!!
Patrick: Om een boek te maken heb je nodig: een illustrator, een productiebegeleider,
een schrijver, een drukker, een binder, een uitgever en een fabriek.
Emma:
je zag allemaal machines. We moesten aan een tafel gaan zitten en kregen
onze getypte gedichten.
Joris: Wij hebben zelf die gedichten op school gemaakt.
Marnel: We moesten tekeningen maken voor bij de gedichten.
Linda: En de kaft tekenden wij.
Reinhard: Je kreeg 20 minuten de tijd.
Patrick: Wij hebben het boek: “Een boek vol wonderlijke kindergedichten”
genoemd.
Reinier: We hadden alles klaargemaakt, de drukker, de illustrator, alles!
Maar wat was er, zij deden alles. We hoefden alleen maar te kleuren en
de rest werd gedaan. Saai hoor! Op de website stond het anders.
Rijnie: Op de site stond dat er zelf mocht worden gedrukt, gebonden en
allerlei andere dingen maar eigenlijk zette een meneer gewoon de printer
aan en mochten wij toekijken.
Tim: Ik vond er geen bal aan.
Emma: We mochten het boek mee naar de Johan Frisoschool nemen.
Rijnie: Dus we gingen terug naar de tentoonstelling.
Reinhard: We gingen ook door een glijbaan en wat ik totaal niet leuk vond
was dat er stroom in de glijbaan zat.
Jeffrey: Ik vind het heel dom van de glijbaan dat er stroom op staat.
Calvin: Er was ook een griezelboekafdeling. Iedereen ging erin, behalve
Jeffrey en ik.
Rijnie: Dat snapte ik ook, want het was best griezelig.
Calvin: Er was ook een ruimte over Jules Verne. De ruimte was helemaal
van ijzer of staal.
Linda: Daarna gingen we met de bus terug naar school.
Reinhard: Ik vond het een leuke belevenis.
Patrick: Het was gaaf.
Rijnie: de tentoonstelling was de moeite wel waard!
De leerlingen van het bovenschools
project hoogbegaafden hebben dit verslag zelf geschreven. U kunt HIER
meer lezen over het bovenschools project voor hoogbegaafden.
Klik HIER
voor een kleine fotoreportage.
Terug naar Reportages 2002 - 2003.
|