Rondje Dordt op de Frisoschool

Er is weer een projectweek, beter gezegd: er zijn 2 projectweken. Deze keer over de geschiedenis van Dordrecht. Iedere klas gaat daarmee op z’n eigen manier aan de slag.
Denkt u nu: “Onzin, die projecten! De kinderen moeten gewoon leren lezen en rekenen en schrijven. Hier leren ze toch niks van?”
Of is het toch niet zo onzinnig?
Stiekem rondneuzen in de school levert al snel de volgende informatie op:

  • Kinderen zijn met geschiedenis bezig, ze leren over architectuur.
  • Kinderen zijn met natuur bezig, ze leren over de Biesbosch.
  • Ze zijn creatief bezig.
  • Ze leren informatie op te zoeken en te ordenen.
  • Ze moeten intensief samenwerken.
  • Ze zijn creatief bezig en gebruiken ondertussen spelenderwijs allerlei vakken als taal, rekenen enz.
  • En, en, en…. kom zelf maar kijken naar het resultaat op de tentoonstelling aan het eind van het project.

Tot die tijd zult u het moeten doen met enthousiaste verhalen van uw kind. Of kunt u als voorproefje op het geheel vast ontdekken waarom Dordtenaren toch schapenkoppen genoemd worden.

Een Dordtse legende: “Schapenkoppen”


Wist je dat er in de meeste steden wel een scheldnaam is voor de inwoners? De scheldnaam van de Dordtenaren is:”Schapenkoppen”.
Maar waar komt die naam eigenlijk vandaan??

We gaan terug in de tijd naar het jaar 1866.
In die tijd moesten mensen belasting betalen over alle dieren die bestemd waren voor de slacht. Dus dat zijn onder andere koeien, varkens, kippen en schapen.

Op een dag waren er twee Dordtenaren die geen belasting wilden betalen: “De groeten!”, dachten ze bij zichzelf, “dat schaap is duur genoeg! Wij gaan echt geen belasting betalen. We gaan er voor zorgen dat we de belastingambtenaren, die bij de Riedijkspoort staan, om de tuin leiden.”

En zo bedachten ze samen een heel slim plannetje. In Papendrecht stond een prachtige vogelverschrikker met kleren en al. Ze keken om zich heen en pakten snel de kleren van de vogelverschrikker. Het schaap kreeg die kleren toen aan. En was uiteindelijk gekleed als een echt mens. Compleet met broek, jas en pet.
Bijna was het plan gelukt. Toen de mannen vlakbij de poort waren, namen ze het dier tussen hen in en hielden het aan de voorpoten vast.

In de avondschemering leek het net alsof er drie mannen de poort kwamen binnenwandelen. De middelste liep wel een beetje raar, alsof hij dronken was, of niet zo goed kon lopen, maar dat gebeurde in die tijd wel vaker.

“Heeft u iets aan te geven, heren?” Vroeg de belastingambtenaar. Die vraag wordt gesteld zodat iemand ja zegt als hij vlees bij zich heeft en keurig zijn belasting betaalt.

“Nee, wij hebben niks aan te geven hoor!”, zei één van de twee mannen.

“Goed, loopt u maar door heren!”

Een schaap is niet gewend om op twee poten te lopen. En het schaap vond het genoeg! Eerst al kleren aan en dan nu ook nog eens op z’n twee achterpoten lopen? Het moest toch ook niet gekker worden.

En net toen het plan van de mannen bijna geslaagd leek, liet het schaap een langgerekt en klagelijk bèèheèèhèè horen.
Er zat niets anders op, de mannen moesten alsnog belasting betalen. De twee mannen werden behoorlijk uitgelachen, dat mag duidelijk zijn.
Dordtenaren worden sinds die tijd Schapenkoppen genoemd.

En als je nou in de auto zit en van Papendrecht naar Dordrecht rijdt, moet je goed uit de auto kijken. Want naast de afrit aan de Dordtse zijde staat een monument dat ons moet herinneren aan dit voorval.

Het ontwerp van het metaalplastiek is van Cor van Gulik, in samenwerking met Piet Kraus. Het geld voor het beeld werd bij elkaar gespaard door de Dordtse burgerij.
Als je goed je best doet, zijn in het beeld twee mannen te herkennen die een aangekleed schaap met zich meevoeren. En als je heel goed luistert hoor je het schaap nog blaten: “bèèheèèhèè”.


De tekst is bewerkt voor de website.
De bron van deze bewerkte tekst is: http://www.dordt.nl/stad/geschiedenis/home.htm


Klik HIER voor een schaapjeskleurplaat.


Klik HIER voor een verslag van de start van het project.

Terug naar Reportages 2003 - 2004. Terug naar Reportages 2003- 2004.