Hoe krijg je een mierenhoop in opstand?

Mieren zijn ijverige beesten, maar verschrikkelijk serieus. Heb je ooit een mier zien lachen? Of zien spelen? Werken, werken, werken. Dat willen ze alleen maar. Behalve in de winter, dan slapen ze. En ook het slapen is goed georganiseerd!

 

Mieren doen alles voor de mierenhoop, ieder kent zijn plaats in de perfecte groep. Ze zijn allemaal volmaakt en over alle mieren kan gezegd worden: “neem een voorbeeld aan die mier!” Dat ze zo ordelijk en netjes zijn irriteert me enorm. En ik ga jullie een trucje leren waarmee je revolutie kunt scheppen in een merenhoop. Heel eventjes chaos, voor de lol.

Het is heel simpel, maar je moet wel 2 dingen weten.

  • Als er een mier in de mierenhoop doodgaat, brengen de anderen het mieren-lijk naar buiten. En ze leggen het altijd op dezelfde plaats, vrij ver van de ingang neer. Ze hebben, een echt mierenkerkhof.
  • Bij de ingang van de mierenhoop staan altijd wachtposten. Zij moeten opletten of de binnenkomende mier wel tot de familie hoort. Als hij namelijk niet bij de familie hoort, wordt hij aangevallen en weggejaagd. Deze wachtposten die heen en weer ijsberen zijn de ordebewaarders. Ze herkennen een foute mier van een andere familie aan z’n geur. Want iedere familie heeft z’n eigen geur.

 

Wat je gaat doen is opzoeken waar het mierenkerkhof is. Dat is makkelijk want er liggen uitgedroogde mieren. Je verzamelt de dode mieren en stampt ze fijn, zodat je heel fijn gemalen mierenpoeder hebt van dode mieren. Dan pak je de mierenpoeder en zoekt de wachtposten op. Je gooit een klein beetje op de wachtposten en gaat wachten wat er gebeurt.

Lang duurt dat niet hoor! Binnen de mierenhoop ontstaat grote paniek. Revolutie barst los! De mieren komen uit de mierenhoop rennen en slepen de levende wachtpostmieren, die dood ruiken, naar het mierenkerkhof.

De wachtposten willen dat niet en vechten. Ze zijn sterk dus er zijn een heleboel mieren nodig om de wachtposten af te voeren naar het mierenkerkhof. Het wordt een enorme rel en een complete chaos.

De mieren in de mierenhoop denken dat de wachtposten dood zijn. Ze ruiken dood, dus zijn ze dood. En de mierenregel is nu eenmaal: weg met de dode mier! De wachtposten hebben gevochten en bewogen. Ze hebben gebeten en met hun voelsprieten gezwaaid. Maar dat maakt de mieren niks uit. De wachtposten ruiken dood, dus zijn ze dood. Dus op naar het mierenkerkhof.

Het experiment is afgelopen. De geur verdwijnt gelukkig snel en de wachtposten kunnen weer terug naar hun plek in de mierenhoop.

En als je heel goed luistert kun je de wachtposten horen zeggen: “We zeiden het toch? We zijn helemaal niet dood. Dit komt gewoon door zo’n mensenkind, misschien wel eentje van de Johan Friso school!”

 

Dit verhaal is vrij bewerkt naar een verhaal van Jacques Trémolin – uit het boek “ware verhalen uit de dierenwereld”

Terug naar Herfsthoekje Terug naar Herfsthoekje